Hoe Nederland bezet raakte in mei 1940

Portret van historicus Hendrik van Dijk, gespecialiseerd in de bezetting van Nederland tijdens WOII
Hendrik van Dijk
Historicus gespecialiseerd in WOII Nederland
Bezetting van Nederland WOII · 2026-02-15 · 7 min leestijd

Stel je voor: het is 10 mei 1940. De zon schijnt, het is lente, en Nederland probeert neutraal te blijven in een oorlog die al bijna twee jaar woedt.

Maar dan, zonder dat er een oorlogsverklaring aan voorafgaat, breekt de hel los.

Binnen vijf dagen was Nederland bezet. Het ging razendsnel, pijnlijk en verpletterend. Dit is het verhaal van hoe dat gebeurde: de strategie, de chaos en de val van een land.

De situatie voor de invasie: Een vals gevoel van veiligheid

Voordat de bommen vielen, hing er in Nederland een merkwaardige spanning. Hoewel de oorlog in heel Europa woedde, had Nederland zich neutraal verklaard.

Het leger was gemobiliseerd, maar het was niet klaar voor de brute kracht van de Duitse oorlogsmachine.

De Nederlandse verdediging was vooral gebaseerd op water: inundatie, oftewel het onder water zetten van polders om de vijand tegen te houden. De Duitsers hadden echter een plan klaarliggen dat hierop inspeelde. Het doel was niet alleen Nederland veroveren, maar vooral een springplank zijn voor de aanval op Frankrijk.

Door Nederland snel uit te schakelen, konden de Duitsers de zogenaamde "Westwall" omzeilen. De Nederlandse regering, onder leiding van minister-president Pieter Sjoerds Gerbrandy (niet Schermerhorn, dat was later na de oorlog), wist dat de druk hoog was, maar de daadwerkelijke omvang van de aanval kwam als een totale verrassing.

De ochtend van 10 mei: Duitse overmacht

Om 05:30 uur in de ochtend van 10 mei 1940 begon de invasie.

Het was een aanval uit drie richtingen, maar het meest verwoestend was de luchtaanval. De Duitse luchtmacht, de Luftwaffe, stuurde honderden vliegtuigen naar Nederland.

Een specifieke eenheid, de Fallschirmjäger (parachutisten), werd ingezet om strategische punten te veroveren. Een van de belangrijkste doelen was vliegveld Ypenburg bij Den Haag. De Duitse luchtmacht voerde een verwoestende aanval uit op dit vliegveld. Binnen een mum van tijd lag het vliegveld in puin.

Maar het waren de parachutisten die de chaos compleet maakten. Ze landden op daken en in weilanden, soms gewapend met alleen een pistool en een mes, maar vaak met zware mitrailleurs.

Ze moesten bruggen en verkeersknooppunten veiligstellen voordat het Nederlandse leger kon reageren. De Nederlandse luchtmacht was numeriek verreweg in de minderheid. Waar Duitsland duizenden vliegtuigen had, telde Nederland er aan het begin van de oorlog maar 36 jachtvliegtuigen van het type Fokker D.XXI.

Hoewel deze toestellen van goede kwaliteit waren, werden ze al snel overspoeld door de overmacht. Binnen enkele uren was de Nederlandse luchtmacht grotendeels uitgeschakeld op de grond.

De verrassing van de "Achterdamiddag"

Er is in de volksmond sprake van de "Achterdamiddag", hoewel deze term in de tekst hierboven wat verwarrend werd gebruikt.

Wat eigenlijk bedoeld werd, is de enorme druk die op 10 mei ontstond. De Duitse troepen stroomden binnen via de grenzen van Limburg, Gelderland en Noord-Brabant. Ze maakten gebruik van zogenaamde Sturmgeschütz (stormkanonnen) en panzerdivisies.

De Duitse tactiek was simpel: snelheid en vernietiging. Dit heette de Blitzkrieg, ofwel de bliksemoorlog.

De Duitse soldaten marcheerden niet alleen; ze reden in voertuigen die waren omgebouwd tot mobiele bruggenleggers.

Waar de Nederlanders dachten dat rivieren zoals de Waal en de Maas een barrière zouden vormen, sprongen de Duitsers er zo overheen. Binnen enkele uren waren cruciale bruggen in handen van de Duitsers, vaak nog voor de Nederlandse soldaten ze konden opblazen.

De strijd om Den Haag en de Grebbeberg

Een van de hevigste gevechten vond plaats bij de Grebbeberg in Utrecht. Hier probeerde het Nederlandse leger, met man en macht, de Duitse opmars te stoppen.

Het was een zware strijd waarbij veel Nederlandse soldaten sneuvelden. De Duitse overmacht was echter te groot. Het vuur van de Duitse artillerie was intensief en vernietigend.

Tegelijkertijd werd er fel gevochten om Den Haag. Het plan van de Duitsers was om de Nederlandse regering gevangen te nemen en direct te laten capituleren.

Parachutisten vielen aan op het terrein van het vliegveld Ypenburg en bij de vliegvelden Valkenburg en Ockenburg. Hoewel de Nederlandse verdedigers fel terugvochten en veel Duitsers neerhaalden, konden ze de landing niet voorkomen. De Duitse troepen wisten door te dringen tot de omgeving van het Kabinet in Den Haag, maar raakten daar verstrikt in hevige gevechten. Ze werden zelfs even omsingeld door Nederlandse troepen, maar door de snelle opmars van andere Duitse eenheden werd de druk op de stad onhoudbaar.

De val van Rotterdam: Een tragedie

Het meest dramatische moment van de bezetting vond plaats in Rotterdam. Op 14 mei 1940, na vier dagen van gevechten en onderhandelingen, besloten de Duitsers de druk op te voeren met het verwoestende bombardement op Rotterdam en de gevolgen daarvan.

De Nederlandse troepen in de stad hadden zich nog niet overgegeven, ondanks dat de omliggende gebieden al waren veroverd. De Duitse bevelhebber, generaal Schmidt, gaf opdracht tot een zwaar bombardement op het centrum van de stad. Dit was niet alleen een aanval op militaire doelen, maar een gerichte aanval op de burgerbevolking om psychologische druk uit te oefenen.

Om 13:22 uur werden zo'n 50 tot 60 bommenwerpers van de Luftwaffe losgelaten boven Rotterdam.

Binnen enkele minuten werd een groot deel van het centrum verwoest. De brand die ontstond was zo hevig dat deze zich snel verspreidde. Er vielen honderden doden en duizenden mensen raakten dakloos.

De verwoesting was zo totaal dat de Nederlandse bevelhebber, generaal Henri Winkelman, begreep dat verder verzet zinloos was en alleen meer slachtoffers zou eisen. De Duitsers dreigden met het bombarderen van Utrecht en Amsterdam als er niet direct werd gecapituleerd.

De capitulatie: Een bittere pil

Op 15 mei 1940, om 10:30 uur 's ochtends, tekende generaal Winkelman de capitulatie voor de Duitse strijdkrachten. Dit gebeurde in een schoolgebouw in Rijsoord, nabij Rotterdam.

Nederland gaf zich over, maar niet zonder slag of stoot. Het was een emotioneel en zwaar moment voor de soldaten en de bevolking. Hoewel de capitulatie van het Nederlandse leger in 1940 een feit was, was de oorlog voor Nederland nog niet voorbij.

De Nederlandse regering vluchtte naar Londen en zette vanuit daar de strijd voort.

In Nederland zelf begon, na de eerste dagen van de bezetting, een lange, donkere periode die bijna vijf jaar zou duren.

De directe gevolgen van de bezetting

De bezetting had onmiddellijke en verwoestende gevolgen voor de Nederlandse samenleving. De Duitse bezetter nam direct de controle over de Nederlandse economie over.

Economische uitbuiting

Nederland was een rijk land met een sterke industrie en landbouw. De Duitsers zagen dit als een voorraadkast voor hun oorlogsmachine. Nederlandse fabrieken werden gedwongen producten te maken voor de Duitse markt.

De bevolking onder druk

Voedsel werd gerantsoeneerd; de Duitse autoriteiten introduceerden de "bonkaart". Nederlandse boeren moesten hun producten afstaan aan de bezetter, wat leidde tot de beruchte "Hongerwinter" in de laatste oorlogsjaren, hoewel de schaarste al vroeg begon.

Voor de Nederlandse bevolking veranderde alles. De Duitse Ordnungspolizei (ordepolitie) patrouilleerde door de straten. De pers werd streng gecensureerd; kranten kregen bevelen wat ze wel en niet mochten publiceren. Radio-uitzendingen werden afgeluisterd. Wie zich openlijk verzette, riskeerde gevangenisstraf of erger.

Een specifiek en donker hoofdstuk was de vervolging van joden en andere minderheden. De Duitse bezetter voerde systematisch wetten in om joden uit te sluiten van het openbare leven.

Later in de oorlog werden er razzia's gehouden, waarbij duizenden mensen werden opgepakt en naar concentratiekampen werden gestuurd. Het verzet groeide langzaam maar gestaag, met groepen die zich bezighielden met ondergrondse kranten, sabotage en het helpen onderduiken van mensen.

Conclusie: Een trauma en een erfenis

De bezetting van Nederland in mei 1940 was een kantelpunt in de geschiedenis. Het land werd in vijf dagen tijd overrompeld door een moderne, meedogenloze oorlogsmachine. De snelle Duitse overwinning was te danken aan de Blitzkrieg-tactiek, de luchtovermacht en de verrassingsaanval.

Toch was het niet alleen maar verlies. De capitulatie betekende niet het einde van de strijd.

Het verzet dat volgde, en de veerkracht van de bevolking tijdens de jarenlange bezetting, vormden een belangrijk deel van de Nederlandse identiteit. De gebeurtenissen van mei 1940 herinneren ons aan de kwetsbaarheid van vrede en de prijs van vrijheid.

Portret van historicus Hendrik van Dijk, gespecialiseerd in de bezetting van Nederland tijdens WOII
Over Hendrik van Dijk

Hendrik is een expert op het gebied van de Nederlandse oorlogsgeschiedenis.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Bezetting van Nederland WOII
Ga naar overzicht →