Rol van de Nederlandse spoorwegen bij deportaties

Portret van historicus Hendrik van Dijk, gespecialiseerd in de bezetting van Nederland tijdens WOII
Hendrik van Dijk
Historicus gespecialiseerd in WOII Nederland
Kampen en gevangenissen · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je even voor: het is de Tweede Wereldoorlog. Je staat op een stationsplatform in Nederland.

De trein staat klaar, netjes gespoord en op tijd. Dat is wat de Nederlandse Spoorwegen (NS) deden: treinen laten rijden. Maar in deze donkere periode hadden die treinen een vreselijke bestemming.

Ze vervoerden niet alleen forensen en vakantiegangers, maar ook duizenden Joden, Sinti, Roma en andere mensen die door de nazi's werden vervolgd, rechtstreeks naar de poorten van de hel in Duitsland en Polen.

Het is een verhaal van een bedrijf dat zijn hoofd boog voor de bezetter, een verhaal van logistieke efficiëntie met een onmenselijke uitkomst.

De bezetting en de rol van het spoor

Toen Duitsland Nederland in 1940 binnenviel, veranderde er veel. De NS, ooit een symbool van Nederlandse vooruitgang, kwam onder Duits beheer. De Duitse bezetter had een duidelijk doel: het transport van goederen en mensen moest doorgaan, maar nu volgens nazi-plannen.

Al snel werden anti-Joodse maatregelen ingevoerd. Eerst werden Joden buitengesloten uit het openbare leven, later werden ze gedwongen te verhuizen naar speciale wijken en kampen.

Het spoor was hierbij onmisbaar. De Duitse bezetter had de NS hard nodig voor hun logistieke kennis en infrastructuur.

In ruil voor medewerking kreeg de NS financiële compensatie en de belofte dat het bedrijf na de oorlog weer opgebouwd zou worden. De NS-leiding, onder leiding van figuren als Dirigent-Generaal mr. A.G. (Arnold) Rossing (niet te verwarren met de Duitse functionaris Keitel, zoals in sommige oude verhalen wel eens verward wordt), had een keuze te maken: verzet of collaboratie.

Ze kozen voor het laatste, uit angst voor represailles en om het bedrijf te redden.

Dit had catastrofale gevolgen. De NS was verantwoordelijk voor de daadwerkelijke organisatie van de transporten. Het was niet zo dat de Duitsers zelf de treinen bestuurden; dat deden de Nederlandse conducteurs en machinisten. De NS regelde de treinwagons, de routes en de stations.

De logistiek van het kwaad

Ze hielden overzichten bij van wie er vervoerd werd. Dit was een koude, bureaucratische operatie.

De NS rekende de Duitsers zelfs een hoofdprijs voor het vervoer van deze mensen: 4 gulden en 50 cent per persoon per kilometer, plus een toeslag voor de terugreis van de lege trein.

Het was een lucratieve, maar gruwelijke handel.

De omvang: Cijfers die duizelen

De cijfers zijn onthutsend. Tussen 1942 en 1944 werden er treinen volgestopt met mensen die werden afgevoerd.

In totaal zijn er uit Nederland ongeveer 107.000 Joden gedeporteerd. Hiervan zijn er ongeveer 102.000 vermoord. Daarnaast werden er ongeveer 5.000 Sinti en Roma gedeporteerd, van wie er ongeveer 3.000 de oorlog niet overleefden.

De transporten begonnen vanaf diverse stations. Amsterdam was de grootste hub, maar ook vanuit Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Vught en Westerbork vertrokken treinen.

De meeste transporten gingen via Westerbork, een kamp in Drenthe dat diende als doorvoerstation. Vanuit daar vond de doorvoer naar de vernietigingskampen plaats, waarbij treinen via Duitse stations naar Auschwitz, Sobibor, Bergen-Belsen en Theresienstadt reden. Een speciale trein, de "Westerbork-Sobibor trein", is hier een berucht voorbeeld van. De routes waren zorgvuldig uitgestippeld.

De routes en de vergeten stations

Veel treinen reden via het oosten van Nederland, door stations zoals Apeldoorn en Deventer, om zo Duitsland binnen te rollen. Sommige routes voor het treintransport vanuit Nederland naar Auschwitz werden bewust zo gepland dat ze door minder bevolkte gebieden liepen om opstanden of ontsnappingen te voorkomen.

Op de stations zelf heerste een bizarre sfeer. Aan de ene kant het normale treinverkeer, aan de andere kant de gruwelijke realiteit van volgeladen goederenwagons. Er waren speciale "Jodentreinen" die werden samengesteld. De NS-medewerkers wisten wat er gebeurde; ze zagen de angst in de ogen van de mensen, hoorden de gillende kinderen en roken de angst.

De procedure: Van station naar vernietigingskamp

Het proces was gestroomlijnd en wreed. Eerst moesten de slachtoffers zich melden op een verzamelpunt, vaak een school of een plein in de buurt van het station.

Daarna werden ze naar het station gebracht. Op het perron werden ze gecontroleerd, geteld en in de wagons gedreven.

De NS zorgde ervoor dat de treinen op tijd vertrokken. De wagons waren bedoeld voor vee of goederen, niet voor mensen. Er was geen toilet, geen eten, geen water.

De ramen waren dichtgetimmerd of voorzien van prikkeldraad. De NS-medewerkers, de conducteurs en de rangeerders, moesten deze treinen besturen.

Sommigen deden dit met weerzin, anderen met een routine die deed vermoeden dat ze er niet wakker van lagen. Ze kregen orders van de Duitse Sicherheitsdienst (SD) en voerden die uit. Wie weigerde, liep het risico gearresteerd te worden of erger. Hier ontstaat vaak discussie.

De verantwoordelijkheid van de werknemers

Was het de schuld van de gewone machinist? De NS-leiding benadrukte later dat er sprake was van dwang.

Maar historisch onderzoek toont aan dat er binnen de NS een hiërarchie was. De top nam de beslissingen om mee te werken. De lagere functionarissen voerden uit.

Sommige NS-medewerkers probeerden slachtoffers te helpen, door oogluikend spullen door te geven of waarschuwingen te fluisteren. Anderen deden niets. En weer anderen waren actief wreed. De waarheid ligt, zoals zo vaak, in het grijze gebied tussen angst, medewerking en eigenbelang.

De documentatie: Bewijslast en archieven

De NS hield alles netjes bij. Vrijwillig of niet, de administratie was nauwkeurig.

In de archieven van de NS, die nu deels openbaar zijn, vind je nog steeds treinroosters met codes voor "speciaal vervoer".

Er zijn lijsten met aantallen personen, bestemmingen en wagonnummers. Een belangrijk document is de "Jodenkroniek", een dagboek bijgehouden door de Joodse Raad, maar ook de interne NS-documentatie bevestigt de details. In de Nationaal Archief in Den Haag liggen stapels papieren die de logistiek van de moord machine blootleggen. Deze documenten laten zien dat het niet ging om incidenten, maar om een systematische operatie waar de NS als een geoliede motor in functioneerde.

Na de oorlog: Erkenning en herstel

Pas decennia na de oorlog durfde de NS echt te kijken naar haar eigen rol.

In de jaren vijftig en zestig was er weinig aandacht voor; de naoorlogse wederopbouw was belangrijker. Maar langzaam kwam het verleden boven drijven.

In de jaren negentig begonnen onderzoekers en nabestaanden harder te roepen om erkenning. In 2005 presenteerde de NS een rapport waarin ze erkenden dat ze "medeplichtig" waren geweest aan de deportaties. Ze boden excuses aan. In 2007 werd een financiële regeling getroffen.

De NS betaalde 50 miljoen euro aan een stichting die de slachtoffers en hun nazaten zou ondersteunen.

Een blijvend spoor

Hoewel dit bedrag voor velen als symbolisch werd gezien, was het een belangrijke erkenning van schuld. Vandaag de dag herinnert het Nationaal Monument op de Westerbork aan de geschiedenis en functie van het kamp waar de transporten plaatsvonden. Ook op stations zoals Amsterdam Centraal en Utrecht Centraal zijn monumenten geplaatst die verwijzen naar deze donkere periode.

De NS doet jaarlijks mee aan herdenkingen, zoals op 4 mei, en ondersteunt projecten die het verhaal van de slachtoffers levend houden. Het is een pijnlijk hoofdstuk, maar het moet blijven worden verteld.

De treinen die vandaag de dag op tijd rijden, zijn een symbool van vrijheid, maar ze staan op sporen die ooit werden gebruikt voor onmenselijk leed.

De rol van de NS was cruciaal in de logistiek van de Holocaust in Nederland. Zonder het spoor had de bezetter nooit zoveel slachtoffers kunnen maken in zo'n korte tijd. Het is een waarschuwing voor altijd: hoe normale instituties, onder druk van een totalitair regime, kunnen worden omgevormd tot instrumenten van kwaad.

Portret van historicus Hendrik van Dijk, gespecialiseerd in de bezetting van Nederland tijdens WOII
Over Hendrik van Dijk

Hendrik is een expert op het gebied van de Nederlandse oorlogsgeschiedenis.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Kampen en gevangenissen
Ga naar overzicht →