Almelo in oorlogstijd industrie en verzet

Portret van historicus Hendrik van Dijk, gespecialiseerd in de bezetting van Nederland tijdens WOII
Hendrik van Dijk
Historicus gespecialiseerd in WOII Nederland
Twente en Overijssel WOII · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je wandelt door het centrum van Almelo. Nu is het een vredige stad met koffietentjes en de gracht die glinstert in de zon. Maar zestig, zeventig jaar geleden?

Dat was een heel ander verhaal. Almelo lag midden in de oorlog, en de stad had een dubbele rol.

Enerzijds was het een cruciale motor voor de industrie die de bezetter draaiende hield, anderzijds was het een broeinest van verzet. Het is een verhaal van fabrieksschoorstenen die rookten voor de vijand, en van stille signalen in de nacht voor de bevrijders. Om te begrijpen wat er in Almelo gebeurde, moet je kijken naar de twee gezichten van de stad: de zware industrie en de onzichtbare wereld van het verzet.

De Industrie: Een Dubbelzijdig Zwaard

Almelo had in de oorlogsjaren een economische machine die niet zomaar stilgezet kon worden. De stad was een centrum van textiel en metaal.

Denk aan giganten als Ten Cate. In vredestijd leverde dit stof en producten voor de wereldmarkt, maar in oorlogstijd werd die productiecapaciteit plotseling heel interessant voor de Duitse bezetter. De Duitsers hadden materiaal nodig.

Uniformen, tenten, maar ook materialen voor de bouw van bunkers en voertuigen.

Bedrijven als Ten Cate en de metaalindustrie in de regio werden gedwongen om orders voor de Wehrmacht uit te voeren. Het was een grijs gebied. Aan de ene kant wilde je als bedrijf overleven; je wilde je fabrieken en je werknemers beschermen. Aan de andere kant wist je dat je productie bijdroeg aan de machine die de oorlog gaande hield.

Het was een vorm van gedwongen collaboratie, maar soms ook gewoon zakelijk pragmatisme. De fabrieken draaiden op volle toeren.

De rook uit de schoorstenen was zichtbaar van kilometers ver. Voor de Duitse bevelhebbers was Almelo een logistieke hotspot. Goederen konden per spoor of via de weg makkelijk naar het front worden vervoerd.

Dit maakte de stad ook een doelwit, al bleef zware bombardementen uit in vergelijking met Rotterdam of Amsterdam.

De industrie bleef echter een gevoelige plek.

Het Verzet in de Stille Stad

Terwijl de fabrieken draaiden, speelde zich in de schaduwen een heel ander spel af. Almelo werd gezien als een burgerlijke, rustige stad, maar niets was minder waar. Het verzet groeide gestaag, gesteund door de ligging nabij de grens met Duitsland en de uitgestrekte bosrijke omgeving.

Een belangrijke spil in het verzet was de illegaliteit. Dit waren groepen mensen die clandestien kranten verspreidden, zoals het Parool of de Vrij Nederland, om de bevolking te informeren met nieuws dat de Duitse propaganda verborg.

In Almelo en omgeving, van Vriezenveen tot aan de kanaaldorpen, waren deze netwerken actief. Maar het ging verder dan alleen kranten. Er was onderduik.

De Trein naar Vrijheid

Boerderijen in de Twentse coulisselandschappen boden onderdak aan onderduikers, Joodse burgers en geallieerde piloten die neergeschoten waren. Het was een gevaarlijk kat-en-muisspel. Een verkeerd woord, een onoplettende buurman, en de Sicherheitsdienst (SD) stond op de stoep.

Een specifieke, spannende tak van het verzet in Almelo was het sabotagespoor.

De spoorlijnen waren de levensaders voor de Duitse bevoorrading. Verzetsgroepen, vaak aangesloten bij landelijke organisaties, zetten zich in om deze lijnen onbruikbaar te maken. Denk aan het doorsnijden van telefoonkabels langs de spoorlijnen of het opblazen van wissels. Dit was extreem gevaarlijk werk.

In de omgeving van Almelo werden diverse acties uitgevoerd om treintransporten te vertragen. Het was niet altijd even spektaculair als in films, maar elke dag dat een trein vertraging opliep, was een dag winst voor de geallieerden.

Daarnaast was er de spionage. Inlichtingen over Duitse troepenbewegingen werden via gecodeerde berichten doorgegeven.

Mensen die je nu zou ontmoeten als gewone opa's en oma's, waren toen koeriers met levensgevaarlijke opdrachten.

De Ondergrondse Krant en Moreel Verzet

Naast fysiek verzet was er het morele verzet. In Almelo werden, net als in de rest van Nederland, illegale bladen gedrukt.

Dit was een huzarenstukje. De drukpersen moesten verstopt zijn, het papier moest worden bemachtigd zonder argwaan te wekken, en de verspreiding moest gebeuren zonder gepakt te worden.

Deze bladen waren cruciaal. Ze hielden de moed erin bij de bevolking. Ze lieten zien dat er nog steeds een strijd werd gevoerd, ook al leek de Duitse greep onwrikbaar. In Almelo werden deze kranten vaak 's nachts in brievenbussen gestopt of in winkels achtergelaten. Het was een kleine daad van verzet met een enorme impact op het collectieve bewustzijn.

De Duitse Repressie en de Noodzaak

Het verzet ging niet onopgemerkt. De Duitse bezetter reageerde hard.

In Twente waren er diverse razzia's. Mannen werden opgepakt en afgevoerd voor arbeid in Duitsland. Wie meer wil weten over de Tweede Wereldoorlog in Twente, ziet dat de angst voor de Sicherheitsdienst daar reëel was.

In Almelo zelf, en in de directe omgeving, waren er invalposten en controleposten.

De industrie speelde hierin een dubieuze rol. Bedrijfsleiders stonden onder druk. Als er sabotage plaatsvond, konden de fabrieken worden gesloten of konden leidinggevenden worden gearresteerd. Dit zorgde voor een continue spanning tussen het willen produceren voor de eigen werknemers en het niet willen samenwerken met de vijand.

Toch bleef het verzet groeien naarmate de oorlog vorderde. De geallieerde opmars in 1944 zorgde voor een opleving.

De hoop op bevrijding nam toe, en daarmee de activiteiten van het verzet. Het werd brutaler. In de laatste oorlogsmaanden was de spanning in Almelo te snijden. Voedsel was schaars, kolen waren schaars, maar de wil om door te gaan was sterker.

De Bevrijding van Almelo

Uiteindelijk werd Almelo bevrijd door de Britten en Canadezen. Eind maart en begin april 1945 naderden de geallieerde troepen de stad.

Het was een chaotische tijd. De Duitse troepen trokken zich terug, maar er waren nog veel SS'ers en collaborateurs die probeerden te ontsnappen of verzet te bieden. De industrie van Almelo, die zo lang had gedraaid voor de bezetter, kwam tot stilstand of werd in gereedheid gebracht voor de wederopbouw. De fabrieken waren grotendeels intact, wat de stad, net als Enschede tijdens de Tweede Wereldoorlog, hielp bij het snel herstellen na de oorlog.

De bevrijding was niet alleen een moment van vreugde, maar ook van bezinning. De stad had haar industrie behouden, maar had ook de tol betaald van de bezetting. Verzetshelden werden onderscheiden, maar ook de slachtoffers werden herdacht.

Een Industriestad met een Verborgen Geschiedenis

Vandaag de dag herinnert weinig meer aan deze spannende jaren in Almelo. De fabrieken zijn gemoderniseerd of verdwenen, en de schuilkelders zijn gesloten.

Toch is het verhaal van Almelo in oorlogstijd fascinerend. Het laat zien hoe een stad die bekend staat om haar nuchterheid en industrie, een broeinest van verzet kon zijn.

Het is een verhaal van moed, doorzettingsvermogen en de complexiteit van overleven onder bezetting. De combinatie van industrieel gewicht en ondergrondse activiteit maakt Almelo tot een unieke locatie in de Nederlandse oorlogsgeschiedenis. Als je nu door de straten loopt, kijk dan eens anders naar de oude fabriekspanden; ze hebben meer verhalen te vertellen dan je misschien denkt.

Portret van historicus Hendrik van Dijk, gespecialiseerd in de bezetting van Nederland tijdens WOII
Over Hendrik van Dijk

Hendrik is een expert op het gebied van de Nederlandse oorlogsgeschiedenis.

Volgende stap
Lees het complete overzicht
Tweede Wereldoorlog in Twente een overzicht →